PAY-OFF

Nieuwe integrale Gedragscode voor consumptief en hypothecair krediet

In het Financieel Stabiliteitscomité bespreken vertegenwoordigers van DNB, ministerie van Financiën en AFM onderwerpen die raakvlakken hebben met financiële stabiliteit. Minimaal twee keer per jaar vergadert het comité onder voorzitterschap van de president van DNB.

Het comité heeft in de achterliggende periode gesproken over de randvoorwaarden voor een stabiele woning- en hypotheekmarkt. Hierbij is aandacht besteed aan de rol van Hypothecaire financieringsvormen. In de vergadering van 4 november 2014 heeft het comité meer specifiek gesproken over het belang van de verhouding tussen het hypotheekbedrag en de waarde van de woning, de Loan To Value (LTV) limiet. Tot en met 2018 zal de LTV-limiet jaarlijks met 1 procentpunt worden teruggeschroefd naar een niveau van 100%. Alle bijkomende kosten bij een hypotheek zullen dan moeten worden betaald uit eigen middelen.

Het comité stelde hierbij dat ‘dient te worden voorkomen dat een verlaging van de LTV-limiet ertoe leidt dat huishoudens het resterende deel van de koopsom financieren met (duurder) consumptief krediet’.

Ook deed men de aanbeveling tot nadere analyse van de ‘mogelijke beleidsmaatregelen om te voorkomen dat huishoudens Consumptief Krediet als substituut voor Hypothecair Krediet zullen gebruiken’.

VFN deelt position paper:
De VFN is van mening dat verantwoord consumptief krediet juist wel degelijk een deel van de financiële behoefte in zou kunnen vullen. Uiteraard moet de consument worden beschermd tegen overkreditering, maar het is ook belangrijk dat de woningmarkt toegankelijk blijft voor grote groepen consumenten.

Hiertoe heeft een VFN een position paper opgesteld, waarin de VFN beleidsmaatregelen voorstelt die de aansluiting tussen de verstrekking van Hypothecair en Consumptief krediet optimaliseren. Dit position paper is gedeeld met de leden van het Stabiliteitscomité.

De kern van het position paper is als volgt:
·         De VFN stelt voor om een verantwoorde extra mogelijkheid te creëren voor kopers die de kosten van de aankoop van een eigen woning (boven 100% LTV, tot een maximum van 106% LTV) niet kunnen of willen voldoen uit eigen middelen. Hiertoe kan de scope van de Gedragscode Consumptief Krediet worden verbreed naar consumenten die de kosten in relatie tot de aankoop van een woning boven 100% van de LTV willen financieren.

·         Het voorstel van de VFN leidt tot een sterkere relatie tussen de aard van het onderpand dat wordt gefinancierd en de looptijd van de betreffende financiering. Met betrekking tot de aankoop van een woning betekent dit dat het onderpand kan worden gefinancierd op basis van een langlopende Hypothecaire financiering, en dat de kosten in relatie tot de aankoop of financiering zo veel mogelijk kortlopend worden gefinancierd.

·         Deze wijze van financiering draagt bij aan de wenselijke balansverkorting van huishoudens en sluit aan bij de wensen van politiek en consument omtrent een evenwichtige wijze van aflossing. Het creëren van deze mogelijkheid versterkt de toegang tot de woningmarkt voor huishoudens die niet beschikken over voldoende liquide middelen om de kosten boven 100% van de LTV te voldoen, maar die op grond van hun financiële situatie toereikende mogelijkheden hebben om deze kosten in een periode van maximaal 7 jaren af te lossen met een aflopend Consumptief Krediet.

·         Op grond van de huidige strikte scheiding van de Gedragscodes Consumptief en Hypothecair krediet is geen sprake van een reëel risico van de verschuiving van Hypothecair naar Consumptief Krediet in relatie tot de financiering van de aankoop van een woning. Niettemin zijn in de afgelopen jaren verschillende maatregelen getroffen die hebben geleid tot een intensievere relatie tussen de verstrekkingscriteria voor Consumptief en Hypothecair Krediet. De verstrekkingscriteria voor Consumptief Krediet en Hypothecair Krediet beschermen de consument tegen overkreditering. Hierbij wordt rekening gehouden met de aard van de kredietverlening.

·         Een verlaging van de LTV zonder aanvullende mogelijkheden voor huishoudens om de kosten koper boven 100% van de LTV te voldoen, leidt tot het risico dat, in de afbouwperiode van de LTV tot 2018 en in de periode na 2018, in toenemende mate sprake zal zijn van vraaguitval op de woningmarkt. Hiermee ontstaat een reëel risico dat het gewenste robuuste herstel van de woningmarkt in de komende jaren niet zal optreden.

·         De VFN stelt vast dat het voorzienbaar is dat grote groepen huishoudens die willen doorstromen naar een koopwoning niet in staat zullen zijn om de kosten van de aankoop van de woning boven 100% LTV te voldoen uit eigen middelen. De daadwerkelijke vermogenspositie van grote groepen huurders, de wenselijkheid om ook na de aankoop van de woning een financiële buffer aan te houden voor onvoorziene uitgaven, en het daadwerkelijke spaargedrag, leiden tot de conclusie dat veel huishoudens hiertoe niet in staat zullen blijken. Veel huurders zullen dan niet meer de overstap naar een eigen woning kunnen maken, terwijl eigen woning bezit juist kan leiden tot een beperking van de woonlasten.

20150421-position-paper-aansluiting-consumptief-en-hypothecair-krediet

Begin 2016 is een traject van start gegaan dat moet gaan leiden tot het opleveren van een nieuwe integrale Gedragscode voor consumptief en hypothecair krediet.

VFN, NVB, AFM en NIBUD stellen vast op welke wijze de nu nog sterk uiteenlopende verstrekkingscriteria voor consumptief en hypothecair krediet meer in lijn kunnen worden gebracht. Doelstelling hierbij is een geïntegreerde norm die volledig aansluit bij de Wft, en die de consument beschermt tegen overkreditering. Aanvullende doelstellingen zijn het verminderen van de complexiteit en het realiseren van meer consistentie door het betrekken van elementen die nu nog niet duidelijk zijn verwerkt in de Gedragscodes, zoals de financiering van aankoopkosten en DUO-schulden.